Krachtwijken verdienen beter

Door Rob van der Bijl - Klik hier...
Epiloog: uit Binnenlands Bestuur, 1 mei 2009 - Klik hier...

Sociale veiligheid is meer dan verbouwen.


Het gebruik van de Krachtwijken moet centraal staan, en niet de gebouwde omgeving van, en de gebouwen in die Krachtwijken. Dit geldt volgens ons (VWNL/Rob van der Bijl) voor alle probleemwijken, en dus voor elke wijk die verbetering verdient. Hieronder vatten we onze visie kort samen. Recentelijk is onze visie bevestigd door een nieuw aanpak in Zweden (zie epiloog).

Geschiedenis van 25 jaar

De afgelopen 25 jaar is het fenomeen 'sociale veiligheid' meer in meer in de belangstelling komen te staan. Aanvankelijk werd het beschouwd als een speeltje voor vrouwen met belangstelling voor de bouw, later raakten politie en stedebouwkundigen van het belang ervan doordrongen. Zo geraakte de 'Defensible Space' theorie van Oscar Newman vertrouwd. En momenteel is sociale veiligheid maatschappelijk geaccepteerd en wordt het als vanzelfsprekend meegenomen in beleids-, ontwerp- en planningsprocessen.

 

Te veel technopreventie

Ondanks deze succesvolle geschiedenis is het fenomeen sociale veiligheid inhoudelijk allerminst uitgekristalliseerd. Theorie en instrumentarium zijn zelfs nauwelijks verder ontwikkeld dan in de 'vroege jaren'. Er ligt te veel nadruk op technopreventie en (stede)bouwkundige ingrepen. De vele vormen van gebruik, dat wil zeggen bedoeld maar ook onbedoeld gebruik, worden onderschat.

Onder druk

Aan een eenzijdig op bouwkundige en technische maatregelen gestoelde benadering kleven grote gevaren. Op den duur werken deze maatregelen contraproductief, vergroten ze veeleer maatschappelijke tegenstellingen, en zal op den duur sociale veiligheid onder druk komen te staan..

Hoe verder?

Hoe verder? Niet de gebouwde omgeving, en niet de fysieke structuur van een wijk of bouwwerken moeten centraal staan, maar het gebruik van die omgeving, van die wijk en gebouwen. Binnen zo'n perspectief kunnen keurmerken en 'checklists' behulpzaam zijn. En kunnen inspirerende voorbeelden het dagelijks werk ondersteunen. Juist goed gedocumenteerde voorbeelden (zoals onze case studie van het Slachthuisterrein in Den Haag) zullen er toe bijdragen dat niet telkens het wiel opnieuw moet worden uitgevonden.

Epiloog: Nieuws uit Zweden
Stockholm-Strandliden
25 mei 2005

Binnenlands Bestuur van 1 mei 2009 (Hans van Boxtel) bericht over recente ontwikkelingen in Zweden. Ook daar zijn probleemwijken die wij hier in Nederland krachtwijken noemen. Volgens de nieuwste inzichten in Zweden "is de aanpak van de krachtwijken niet gebaat bij projectmatig werken. De vele projecten maken het ingewikkeld en leiden niet tot een blijvend resultaat. Deze kritiek kwam naar voren tijdens een recente bijeenkomst van onderzoekers en beleidsmakers uit Nederland, Zweden, Groot-Brittanië, Frankrijk en Duitsland. Bij die bijeenkomst, georganiseerd door kennisinstituut Nicis, werd de werkwijze in deze landen met elkaar vergeleken. De overeenkomsten zijn groot, maar vreemde eend in de bijt blijkt Zweden.
Volgens Evert Kroes van het Zweedse ministerie van Integratie heeft zijn land het werken op projectbasis in de achterstandswijken ‘uitgebannen’. Zijn ministerie speelt een centrale rol in de aanpak van die wijken. Zweden voert al vijftien jaar een grotestedenbeleid. Kroes: ‘Projecten zijn tijdelijk, dat was tot twee jaar geleden de oude aanpak. We hebben een probleem, we doen een project. We constateerden dat die werkwijze geen blijvend resultaat oplevert.’
Het steeds maar weer starten van nieuwe projecten leidt volgens hem al snel tot de oprichting van - tijdelijke - organisaties en overlegstructuren die weer verdwijnen als het werk is gedaan. Ook dat komt de duurzaamheid van het achterstandsbeleid niet ten goede.
‘Zweden kiest er nu voor om de al bestaande lokale organisaties het werk te laten doen. We gaan helemaal uit van wat er op lokaal niveau is, zoals verenigingen, bedrijfsleven, arbeidsbemiddeling en politie.’ Daarmee wordt ook voorkomen dat er vrijblijvendheid tussen partijen insluipt en dat de nieuwe organisaties ‘speelbal’ worden van de politiek, die snel resultaten wil zien. Bestaande organisaties zijn beter bestand tegen bestuurlijke druk. ‘Zweden financiert dus geen aparte projecten meer in de achterstandswijken.’
Daarvoor in de plaats wordt er gewerkt met overeenkomsten tussen de ‘gevestigde partijen’. Zij zoeken naar gezamenlijke doelstellingen, ze leggen dat vast in een contract en houden de voortgang erin met concrete actiepunten. De focus van Zweden ligt daarbij op lokale economische groei. ‘Zonder groei geen vooruitgang in de achterstandwijk’, is de nieuwe filosofie. Daarvoor worden op lokaal niveau formele samenwerkingsovereenkomsten afgesloten met het bedrijfsleven."


Het Slachthuisterrein in Den Haag.
Deze wijk is één van de case studies van VWNL, annex Predore.

VERANTWOORDING
Deze tekst is een samenvatting van diverse presentaties, onder andere voor de Studiedag Veiligheid in de wijk (Studiecentrum voor Bedrijf en Overheid), Utrecht, 12 juni 2008.

Tekst & foto's: (C) Rob van der Bijl, 2009

INFORMATIE
Rob van der Bijl - rajvdb@xs4all.nl

LINKS


Dossier Krachtwijken van NICIS

HOME...
Home